Zhe Wang (27 december 2025)


Beste Zhe,
Mijn eerste auto was een Deux Chevaux Vapeur (2CV), wat twee paardenkracht betekent (de Deux Chevaux, in België ook wel ‘Kleine Geit’ en in Nederland ‘Lelijke Eend’ genoemd, is een auto van de Franse autofabrikant Citroën). Ik kocht mijn eerste oranje 2CV in 1977 – achtenveertig jaar geleden, ik was zesentwintig – voor honderd gulden, oftewel vijfenveertig euro.
Deux chevaux oldtimer
Destijds woonde en werkte ik acht uur per dag, vijf dagen in de week in Katwijk aan Zee als ordervoorbereider bij zeefdrukkerij Albedon-Klop, en ’s avonds volgde ik de kunstdocentenopleiding in Amsterdam. DDrie keer per week reed ik dus in mijn geliefde 2CV, ’s avonds na het werk, van Katwijk naar Amsterdam en rond middernacht weer terug. De boetes die ik kreeg voor het ‘s nachts negeren van steeds hetzelfde rode stoplicht op een stil, maar heel goed overzichtelijk kruispunt stapelden zich op. In 1980 kreeg ik de keuze: betalen of drie weken voorarrest. Ik koos voor het laatste. Ik weet niet meer of het de gevangenis in Scheveningen was of die in Haarlem (de Koepelgevangenis). Ik reed ook regelmatig met mijn 2CV naar Luxemburg, waar mijn toenmalige vriendin Silje woonde.
Na dat jaar in Katwijk verhuisde ik naar Amsterdam waar ik in 1979 mijn diploma tekenleraar haalde. Silje verhuisde ook naar Amsterdam. Een jaar lang had ik geen auto nodig, omdat zij een Renault 4 had waarmee ze naar Den Haag reed, waar ze bij de Deense ambassade werkte.
Deux chevaux oldtimerIn 1980 kocht ik weer een oranje 2CV. Ik studeerde in ‘s-Hertogenbosch en woonde tijdens het weekend in Amsterdam. De Deux Chevaux reden niet veel harder dan 60 of 70 km/u, 80 tot 90 km/u bergaf met de wind in de rug, of in de slipstream van vrachtwagens. Ik was een echte plaag voor vrachtwagens, die vlak achter mij reden en luid toeterden – bumperkleven, zoals dat heet. Heel eng. En mij dan brullend van het lachen met groot gemak inhaalden. Als ik ooit te zelfverzekerd een vrachtwagen probeerde voorbij te rijden, ging het millimeter voor millimeter. De vrachtwagenchauffeurs hoefden maar een beetje gas te geven en ik kon weer achter hen aansluiten.
De 2CV’s hielden het nog relatief lang vol. Toen nummer twee het begaf, kocht ik een 2CV-bestelwagentje (camionette of fourgonette in het Frans) voor maar een paar honderd gulden. Dat was rond 1984, in de tijd dat ik Aisha leerde kennen (zij was twintig en ik drieëndertig).
Rond 1984 deelde ik een Renault 4 met een kennis, Marguerite Olivier. Ze woonde in de Van Zesenstraat, ik op de hoek van de Dapperstraat en de Van Zesenstraat, niet ver van het Tropenmuseum, tegenwoordig Wereldmuseum. Met de Renault 4 was het inhalen van vrachtwagens nauwelijks een probleem. Het karretje haalde zonder veel moeite de 120 km/uur. Marguerite reed de auto al vrij snel naar de pietjes1 onder invloed van alcohol. Maar voordat dat gebeurde, waren Aisha en ik ermee naar Oostenrijk getuft om Wenen en verschillende musea daar te bezoeken; het werk van Egon Schiele en andere fin-de-siècle kunstenaars te bekijken. We studeerden Kunstgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam.
Nadat Marguerite de Renault 4 tot schroot had gereden, duurde het vele jaren voordat ik een andere auto kocht. Auto’s brengen nogal wat kosten met zich mee: wegenbelasting, verzekering, onderhoud en brandstof. Ik beschikte lange tijd over weinig geld.
Hartelijk,
Dan River
(Een aantal namen van personen, bedrijven of instituties en plaatsnamen zijn vervangen door fictieve namen.)
1In de prak: (1952) (inf.) kapot. Vgl. naar de bliksem*; naar de filistijnen*; naar de godverdomme*; naar de gossiemijne*; naar de hotsmodee*; kadukestein*; naar de kloten*; in de kreukels*; naar z’n mallemoer*; naar de mieter*; naar de pielepoten*; naar de pietjes; in de poeier*; in de puinpoeier*; naar de ratsmodee*; naar de sodemieter*; naar de tyfus*; in de vernieling*.