1 juli 2026, Lukovica/Ljubljana
Hoi Elsa en Miro,
Hoe gaat het?
Vandaag regent het eindelijk minstens een half uur pijpenstelen. Tot twee keer toe. Na acht uur ’s avonds. De airco kan eindelijk uit. De temperatuur daalt in korte tijd van drieëndertig graden naar achttien graden. Rond half vier beginnen zich aan de hemel dreigende grijze wolkenmassa’s te vormen. Tegen vijven op de terugweg vallen er slechts enkele druppels.
Net voor het eten realiseer ik me ineens dat het buiten regent, niet zomaar, het plenst. We rennen naar de dubbelglazige deur (geluiddicht) en openen die wagenwijd. ‘Dat is nog eens genieten’. We zetten de tafel voor de deur en eten terwijl we naar de regen kijken en luisteren, af en toe dondert het, na een korte bliksemflits.
Vandaag regent het eindelijk minstens een half uur pijpenstelen. Tot twee keer toe. Na acht uur ’s avonds. De airco kan eindelijk uit. De temperatuur daalt in korte tijd van drieëndertig graden naar achttien graden. Rond half vier beginnen zich aan de hemel dreigende grijze wolkenmassa’s te vormen. Tegen vijven op de terugweg vallen er slechts enkele druppels.
Net voor het eten realiseer ik me ineens dat het buiten regent, niet zomaar, het plenst. We rennen naar de dubbelglazige deur (geluiddicht) en openen die wagenwijd. ‘Dat is nog eens genieten’. We zetten de tafel voor de deur en eten terwijl we naar de regen kijken en luisteren, af en toe dondert het, na een korte bliksemflits.
De hele dag is het mooi weer en nog altijd heel warm. Terwijl Mailai een rondje over de markt maakt, drink ik mijn eerste Americano, en geniet van het uitzicht, de mensen rondom mij. Ik maak wat foto’s. We bezoeken de Sint-Nicolaaskathedraal[1], ‘een uitstekend voorbeeld van barokarchitectuur, bekend om haar dynamische vormen, weelderige versieringen en spirituele expressiviteit. Het ontwerp van de kathedraal is zowel majestueus als rijk aan ingewikkelde details’. Daar ben ik het mee eens. Wat een pracht en praal, wat een beeldendrukte, schilderijen, beeldhouwwerken, wat een gewriemel daar aan het plafond van kindertjes met vleugeltjes[2], en wat een goud overal. Waar betaalden die kerkenuitbaters dat van: de kerk, de beelden, het goud.
Als Malai informatie inwint bij de uitbaters van het kabeltreintje dat bezoekers steil omhoog naar het Kasteel van Ljubljana kabelt[3], maak ik nog maar een foto van mensen die staan te wachten op hun beurt. We besluiten om naar het kasteel te lopen. Het pad loopt door een dicht bos met veel struikgewas. Het is een goede keuze. We sparen geld uit en de afstand naar boven is niet echt lang, het pad redelijk en niet heel steil. Mijn rechterheup is voor achtennegentig en een halve procent genezen.
We klimmen zigzaggend naar het kasteel en zitten lang in een van de drie koele restaurants binnen de compound van het kasteel, drinken een Americano, op ons verzoek overgegoten in een glas, met extra heet water erbij, maar ook met dat glas koud water dat je er altijd bij krijgt.
Veel plezier.
Groet,
Rhett Trümmer
Rhett Trümmer
—
[1] De Sint-Nicolaaskathedraal in Ljubljana
[2] Een putto (meervoud: putti) is in de beeldhouw- en schilderkunst een mollig kinderfiguurtje, bijna altijd mannelijk en meestal naakt. Als het kind vleugeltjes heeft, spreekt men ook van een cherubijntje. Als het de liefdesgod Cupido (Amor) of Eros afbeeldt, spreekt men van een amorino (meervoud: amorini) of amoretto (meervoud: amoretti),
[3] Kasteel van Ljubljana
[1] De Sint-Nicolaaskathedraal in Ljubljana
[2] Een putto (meervoud: putti) is in de beeldhouw- en schilderkunst een mollig kinderfiguurtje, bijna altijd mannelijk en meestal naakt. Als het kind vleugeltjes heeft, spreekt men ook van een cherubijntje. Als het de liefdesgod Cupido (Amor) of Eros afbeeldt, spreekt men van een amorino (meervoud: amorini) of amoretto (meervoud: amoretti),
[3] Kasteel van Ljubljana
Op de weg terug van het kasteel, een ander pad.
De situatie rond half acht ’s avonds. Een half uur later stortregent het.
De situatie rond half acht ’s avonds. Een half uur later stortregent het.

