Ik leef!

Ik leef!

Geluidloos klinkt
zonder beweging van de mond

Bovenin de borst
in de hals
zit de kreet
drukt op de halsklieren

Hij dacht aan de dood
aan zijn dood, aan de doden
aan Joost Zwagerman
Rogi Wieg
aan Bram Vermeulen
en Boudewijn Büch

Ik leef!

Hij staat voor het keukenraam.
kijkt naar potten met planten
aangevreten blaadjes
witte herfstbloemen
kruid dat als onkruid
door hem wordt uitgetrokken
denkt aan de jonge vrouw
die sinds een maand
boven hem woont

Ik leef!

Geluidloos klinkt

Ik leef!

Terwijl hij niet wil

Ik leef!

Maar eigenlijk ben ik dood

Koko Dietredar (12 oktober 2015)


2015  /  Pœzie  /  Teksten